Onderwijsaanpassingen
Het regulier onderwijs in Nederland is vooral gericht op de gemiddelde leerling en veel minder op de (hoog)begaafde leerling met zijn/haar specifieke leereigenschappen. Omdat ook deze leerling recht heeft op 'onderwijs op maat' zal het onderwijsaanbod voor hem/haar moeten worden aangepast. Zo kunnen eventuele problemen voorkomen worden en kunnen bestaande problemen vaak worden opgelost. Aanpassingen in het reguliere onderwijsaanbod kunnen er bij onderpresterende (hoog)begaafde leerlingen bijvoorbeeld voor zorgen dat ze weer op hun niveau gaan presteren en weer met plezier aan het onderwijs deelnemen.
Wanneer het onderwijsaanbod wordt aangepast richten scholen zich vaak op een bredere groep dan alleen de (hoog)begaafde leerlingen. Dit is op zich een goede zaak, omdat ook 'goede leerlingen' en 'bovengemiddeld intelligente leerlingen' duidelijk behoefte hebben aan een aangepast onderwijsaanbod. Wat echter niet vergeten mag worden, is dat (hoog)begaafde leerlingen beschikken over een aantal specifieke kenmerken (zie Eigenschappen van (hoog)begaafde leerlingen en Eigenschappen van onderpresterende (hoog)begaafde leerlingen), die bij de 'goede leerlingen' en de 'bovengemiddeld intelligente leerlingen' niet of minder prominent aanwezig zijn en waarmee wel degelijk rekening gehouden dient te worden. Voor (hoog)begaafde leerlingen zullen daarom aanpassingen in het onderwijsaanbod gemaakt moeten worden, die verder gaan dan de aanpassingen die gemaakt worden voor de 'goede leerlingen' en de 'bovengemiddeld intelligente leerlingen'. Er valt daarbij te denken aan versnellen, compacten en verrijken. Welke (combinatie van) aanpassing(en) genomen dient te worden is afhankelijk van de individuele (cognitieve èn niet-cognitieve) behoeften van de leerling. Een pasklare oplossing bestaat niet omdat iedere leerling - en dus ook iedere (hoog)begaafde leering - uniek is.
Wilt u meer informatie over versnellen, compacten en verrijken, klik dan op het menu onder aan deze pagina.
Indien u als leerkracht overweegt specifieke maatregelen te nemen is het verstandig hierover te communiceren met de ouders (zie Communiceren met ouders en kind).
Evalueren
Het is zaak om de maatregelen, die u als leerkracht neemt om het onderwijs aan te passen aan de behoeften van de individuele (hoog)begaafde leerling, regelmatig te evalueren met alle betrokkenen (ofwel met de leerling, de leerkracht, de ouders en alle eventuele andere betrokkenen). Indien de maatregelen het gewenste effect sorteren kunt u ze continueren. Mocht het gewenste effect uitblijven, dan zult u opnieuw het probleem moeten herzien en naar nieuwe oplossingen moeten zoeken. Daarbij kunt u eventueel de hulp van derden inschakelen zoals de schoolbegeleidingsdienst of gespecialiseerde begeleidingsbureaus voor (hoog)begaafde leerlingen.